Page content

Servië: Tolerantie In Slinkend Land

Eerder gepubliceerd in: De Pers 4 maart 2008

Servië: Tolerantie In Slinkend LandServiërs en Albanezen zijn als water en vuur, zo heet het. Maar in het stadje Sombor gaat het eigenlijk best redelijk.

Het is vroeg in de ochtend en bij de Kosovaarse bakker op het Svetog Djordja-plein in Sombor is het druk. Mannen en vrouwen ontbijten er met burek, bladerdeeg met hartige vulling, kinderen komen onderweg naar school een stokbroodje halen.

Kosovaren bezitten 90 procent van alle bakkerszaken in Sombor, een stad in het noordwesten van Servië. Het gaat ze nog steeds goed, ondanks de omstreden onafhankelijkheid van Kosovo, de provincie die iets meer dan twee weken geleden nog van Servië was.

Onafhankelijkheid van Kosovo

Er sneuvelde weliswaar een enkel raam en plots zaten er Bojkot!-stickers op winkelruiten, werden er muren beklad met teksten tegen de onafhankelijkheid. Een Servische bakker zag zijn kans schoon en deelde gratis brood uit voor de deur van zijn concurrent. Maar daar bleef het verder bij.

“Wij reageren niet zoals de Serviërs in Belgrado”, legt de jonge onderwijzeres Branka uit, “omdat we gewend zijn met twintig verschillende bevolkingsgroepen samen te leven. De bakkers zijn Albanese moslims, maar ze wonen al heel lang hier, ze horen bij ons leven in Vojvodina. De kinderen krijgen in de zomer ijs van ze.”

De bewoners van Sombor voeren graag hun diverse afkomst en tolerantie op als verklaring voor de relatieve rust in hun Vojvodina, die andere min of meer autonome provincie in Servië. Algemeen worden acties zoals die tegen de Kosovaren afgekeurd.

Nationalisten in Sombor

Ze zijn het werk van een kleine groep nationalisten in Sombor. Enkele avonden achtereen hield een vijftigtal jonge mannen een protestmars naar het plein voor het stadhuis, zwaaiend met Servische vlaggen en Kocobo=Srbija-leuzen scanderend. Politiemannen in auto’s hielden hen scherp in de gaten.

“Acties van kleine kinderen”, is het oordeel van Victor, een oudere pensionhouder van Hongaars-Kroatische afkomst. Net als de meeste voorbijgangers keek hij even toe en liep toen weer door. De afkeuring van agressieve acties doet niet af aan de gelatenheid van de meerderheid van zowel Serviërs als niet-Serviërs in Sombor over hun ‘slinkende land’.

De meesten weten zich geen raad met de situatie. Ook voor de Kroatisch-Servische poppenmaakster Helena is dat zo: “In gezelschap lachen we onze spanning weg. Er is heel veel gebeurd in onze levens en we zijn wel wat gewend, maar wanneer stopt het eens?

Servië’s Vojvodina

Wat we niet voor mogelijk hielden, het verlies van Kosovo, is realiteit geworden, en we kunnen er niets tegen doen. De regering kan niets doen. Wie zullen de volgenden zijn die een stuk van Servië opeisen?” Als de discussie verder gaat, komen toch ook in Sombor oud zeer en spanningen tussen groepen naar boven.

De Hongaren vormen een sterke minderheid in sommige dorpen in Vojvodina, en in een stad als Subotica vlakbij de Hongaarse grens is de organisatie van het openbare leven meer op hen afgesteld. Veel bewegwijzering is in het Hongaars en Hongaarse kinderen kunnen op school de eigen taal leren. Een aantal van hen spreekt ook op latere leeftijd nog geen woord Servisch.

“Waarom laat de Servische regering dat toe?”, vraagt Helena zich af. “Straks gebeurt er wat er in Kosovo gebeurde: mensen huren je huis, ze worden sterker en gaan dan met je huis aan de haal.” Ze realiseert zich dat de situatie in Kosovo totaal anders is dan in Vojvodina, maar haar vergelijking tekent de wanhoop en angst.

Serviërs werken voor Kosovaren

Terug bij de Kosovaarse bakkers is het moeilijk om hun mening over de situatie in Sombor te horen. Geen Albanese, maar Servische meisjes bedienen de klanten in hun winkels. Wijzend op de boycot-stickers geven ze aan dat ze die difficult vinden: hun baan zou met een boycot op het spel komen te staan.

Pensionhouder Victor maakt zich er druk om: “De economische situatie is een ramp in dit gebied, fabrieken zijn gesloten en de traditionele landbouw rendeert niet meer. De werkloosheid en armoede zijn enorm. Dát zijn de grootste problemen voor de man in de straat. Waarom denk je dat Serviërs anders voor honderd euro in de maand voor Kosovaren werken?” In Sombor heeft tolerantie ook een economische dimensie.

Persoonsnamen zijn veranderd.

Vanaf 3 maart 2008 was dit artikel ook beschikbaar op de website van De Pers.

© 2008, Mariëtte van Beek

    Comment Section

    0 reacties op “Servië: Tolerantie In Slinkend Land

    Plaats een reactie


    *